Alexa Woodward: It’s A Good Life, Honey, If You Don’t Grow Weary

 
 

Met door levenservaring gevormde mildheid verzuchtte overgrootmoeder regelmatig, “ It’s A Good Life, Honey, If You Don’t Grow Weary”. Ironisch genoeg verdween juist zij uiteindelijk in de mist die wij ook wel Alzheimer noemen. Haar verzuchting tooit inmiddels het meest recente en derde album van Alexa Woodward.

 
Deze voormalige advocate debuteerde in 2008 met An Early Dream, een vooral door banjo gedreven aangelegenheid. Het jaar daarop volgde het tweede album Speck waarop Woodward een toenemende gelaagdheid liet horen. Met haar derde album zet zij deze ontwikkeling nu voort, uitmondend in het meest complete album dat Woodward tot op heden het licht liet zien. 
 
Een album vol met Appalachen-folk en bluegrass nu geïnjecteert met een stevige dosis gospel. Sprookjesachtige muziek vol sagen en mythen, waarin het soms spookt. Muziek in de contreien van o.a. Abigail Washburn, Gillian Welch en Neko Case.
 
Woodward vertrouwt naast haar banjo en ukelele op een veelvoud aan instrumenten, waarbij verder o.a. vibrafoon, orgel, cello, mandoline en allerhande percussie een rol van betekenis spelen. Verder valt de messcherpe samenzang op, evenals de inzet van het uit acht leden bestaande “clapping choir”
 
Dit divers en klein gehouden album boeit van begin tot eind, waarbij geen zwakke schakel te ontdekken valt. De verleiding is groot om dan werkelijk elke song in het spotlicht te zetten, maar laat ik mij beperken.
 
Alexa verhaalt op haar nieuwste album van (gebroken) relaties en ander hartzeer, waarbij o.a. rijke bijbelse metaforen, J.D. Salinger, motvlinders en engelen, maar ook huilende wolven een rol van betekenis spelen. Een eenzaam huilende elektrische gitaar opent stemmig Wolves. Hoe zouden wij mensen ons tot elkaar verhouden mochten wij wolven zijn? Woodward windt er geen doekjes om: met schuim rond de bek zouden we elkaar waarschijnlijk verslinden, waarna we naar de maan zouden huilen. Het achtergrondkoortje geeft alvast een treffende illustratie.
 
Het plagerig gezongen Darkest Days Intro preludeert passend op Darkest Days. Het zijn dergelijke details die dit album tevens zijn bijzondere atmosfeer verlenen en laten horen dat het geheel met veel liefde en aandacht tot in de puntjes is verzorgd. Zoals vaker is hier een donkere tekst op een bijzonder opgewekte en direct aansprekende melodie gezet. Het “clapping choir” laat zich niet onbetuigd op deze door banjo en cello aangedreven song.
 
Woodward strooit over het hele album met meeslepende melodieën die vervolgens op de gekste momenten in mijn hoofd opduiken. Afgelopen week werd ik wakker met flarden van de break-up song Alexander gevolgd door het van bijbelse metaforen bol staande Pillar Of Salt, waarin de hoofdpersoon door een walvis opgeslokt is. De immer aansprekende koortjes en sterk gebrachte refreinen zullen hier iets mee van doen hebben. Alexa voorziet haar donker getinte werk regelmatig van de nodige relativering. Zo merkt zij op dat hebberigheid en goede sex slecht combineren en spreekt zij de hoop uit dat haar ex door Nina maar goed mag behandeld mag worden in Kopenhagen en “that you sleep sound every night”.
 
Titelsong “Weary” sluit het album af en mag tevens als hommage aan Woodward’s overgrootmoeder gezien worden. Zoals het een romanticus betaamt beschrijft ze haar overgrootvader in relatie tot haar overgrootmoeder en de hereniging van beiden aan de andere zijde. Ik heb altijd een zwak voor dergelijke songs “trace my constellations dear, the deep is wide but you don’t need not fear, you can follow me into the blue’.
 
Rest mij nog te zeggen dat dit voorbeeldige album al even voorbeeldig verpakt is in een werkelijk prachtig kartonnen hoesje. Elke song is door Alexa voorzien van een mooie naïeve tekening, vorm en inhoud vallen hier naadloos samen.
Hans Jansen
Alexa Woodward
It’s A Good Life, Honey, If You Don’t Grow Weary