Emil Friis: The Road to Nashville

 
 

De wereld wordt bevolkt door verschillende typeringen. Zoals Persoonlijkheden, mensen die zichzelf zichtbaar maken door hun aanwezigheid, werk, statements of gedragingen. Ieder mens is (het liefst) uniek, want wie wil nou tot die saaie meerderheid behoren? Zo geldt dat ook voor muzikanten, zij willen zich onderscheiden. Persoonlijk ben ik ook gek op een karakteristiek stemgeluid, en daarmee scoort Emil Friis alvast. Zijn stem hangt ergens tussen David Gray en Tom Petty. Daarmee pleit je jezelf niet bij iedereen vrij, maar zelf ervaar ik dat als een pluspunt. Ik raad Emil wel aan om meer variatie aan te brengen in zijn klankkleur, want bij een te lange “exposure” dreigt voor een minder geoefend oor mogelijk een luisterirritatie. Of Emil Friis “the real deal” is, of slechts een “wannabe” dat laat ik op dit moment nog even in het midden. The Road to Nashville klinkt alvast als een loepzuivere – met rauwe kartelrandjes weliswaar – alternatieve countryplaat. Zijn derde plaat ondertussen, dus de wil om te slagen in dit vakgebied is alleszins aanwezig. De intentie is er, maar ook hoorbaar de intensiteit. Dat er liefde bestaat voor deze rurale muzieksoort binnen Scandinavië is me al jaren bekend, maar Denemarken had zich op dat vlak (bij mijn weten) nog niet laten horen. Hier komt Friis vandaan. TRTN is opgenomen op 8 en 9 januari van dit jaar in de Varispeed Studios te Zweden. De titelsong is een enorm sterk nummer, een zorgvuldig samengesteld pallet die alle betekenissen van het woord “compositie” mag dragen. Mariachi trompetjes dragen bij tot een verdere luisterrijke aankleding van de song. Ook het daaropvolgende nummer Time Changes Everything behoort zondermeer tot de beste nummers van dit album. Opener I Tried to Tell You Why wordt naar mijn smaak iets te klagelijk aangezet, waarmee hij zijn geloofwaardigheid ondermijnt. Soren Botker Hansen blaast met zijn trompetje ook het nummer Lions naar een hogere dimensie. Uiteraard hadden ze de plaat net zo goed “Road to Copenhagen” kunnen noemen, maar “Nashville” verraadt iets van de identiteit die deze jonge artiesten zich hebben aangemeten. (Om dezelfde stereotiepe reden waarom muzikale donkere Denen waarschijnlijk gaan rappen?) Na veel plussen en minnen overtuigen Friis en zijn maten mij genoeg om mezelf met zijn muziek te kunnen identificeren. Fiis vult zijn The Road To Nashville met robuuste songs in “Americana” smaak. Onder mijn aanvankelijke scepsis komt beslist een lekker plaatje vandaan kruipen. Een dikke zeven. En dat lijkt me voldoende om ze uit te nodigen, ze wonen tenslotte om de hoek. 

Rein van den Berg
Emil Friis
The Road to Nashville