Gretchen Peters: Hello Cruel World

 
 

Gelukzalig onderuitgezakt op een chaise longue, het licht gedempt, een glas goede wijn in de buurt, geen muizenissen in het hoofd en het gewriemel van de kosmos ver buiten de deur. Dat is de beste manier om Hello Cruel World, het nieuwe album van de immer wonderbaarlijke Gretchen Peters, te savoureren. Naar Peters luister je namelijk niet zomaar, ze neemt je volledig in haar muziek op om je pas weer terug te laten keren nadat de laatste noot een fluwelen dood is gestorven.

 
Ook op haar eerste album sinds het fraaie Northern Lights uit 2008 (als je haar prachtige duoalbum One To The Heart, One To The Head met Tom Russell even buiten beschouwing laat, hoe moeilijk dat ook is) maakt Peters daar geen uitzondering op. In een hoogstaande set van elf songs neemt ze de luisteraar mee op een goudeerlijke tocht door haar persoonlijke wederwaardigheden van 2010, een jaar waarin Peters niet alleen voorspoed maar ook de donkere schaduwzijde daarvan leerde kennen: ‘After the trials of the past year I felt raw, open. I wanted to write songs that hurt. I wanted to write songs that were brutally honest. I knew it would be a dark album, and I knew it might be off-putting for some. But I felt I had survived the battering of both the natural world and my own interior one for a reason.’
 
Er is moed voor nodig om je eigen demonen onder ogen te durven zien. En er is nog veel meer moed voor nodig om die wereldkundig te maken. Maar met moed alleen maak je natuurlijk geen goede plaat. Daar komt meer voor kijken. Bezieling bijvoorbeeld. En die heeft Gretchen Peters op Hello Cruel World opnieuw in overschot, waarbij ze als geen ander abstractie weet te maken van doorleefde emotie en theatraal sentiment. Zelfs als het gevaar van de goedkope sentimentaliteit om de hoek loert, zoals in het broze Idlewild, een nummer over een moeilijke periode uit Peters’ kindertijd, blijkt Gretchen Peters in staat om met zinnen als ‘We are a family / We are a train wreck’, ‘We think we’re walking on the moon / But we are dancing in the dark’ en ‘We shoot our rockets, we shoot our presidents / We shoot the commies and the niggers and the Viet Cong’ de dingen in het juiste perspectief te plaatsen.
 
Elk nummer op Hello Cruel World is een kort verhaal, een haarscherp schilderij van de wereld zoals die zich in al zijn glans en smart openbaart aan eenieder van ons in het algemeen en Gretchen Peters in het bijzonder. Camille, al in 2008 geschreven met Matraca Berg en Suzy Bogguss, gaat over een donker geheim uit het verleden dat stilaan opnieuw de kop opsteekt. Five Minutes, waarvan je gratis een uitstekende liveversie kan downloaden op Peters’ website, is een portret van een vrouw die vol in het gezicht is geslagen door het leven, maar die doorvecht en niet opgeeft. Het nummer doet denken aan een schilderij van Hopper, maar dan mét warmte en mededogen. En in Saint Francis, meegeschreven door zielsgenoot Tom Russell, projecteert Peters de milieu-ideologie van Franciscus van Assissi op de wereld van nu met zijn milieurampen, ontbossing en opwarming. In een blog over dit nummer vraagt ze zich af hoe we ooit zover zijn gekomen dat we moeten kiezen ‘ideologically, between nature and spirit’. 
 
De goede verstaander heeft intussen al door dat deze recensent geen slotwoord nodig heeft, dat is door Hello Cruel World overbodig gemaakt. Maar omdat het uiteindelijk toch sterker is dan mezelf: wonderschoon…
Martin Overheul
Gretchen Peters
Hello Cruel World