Naked Song 2011

"Een hele middag en avond lang niets anders dan de beste nationale en internationale singer-songwriters van dit moment op zes podia. Puur, rauw en ontdaan van alle overbodigheden. Op het Naked Song Festival gaan de muzikanten terug naar het begin: solo."

 
Nadat ik de editie van 2010 had moeten missen, maar met de fantastische set van 2009 (Rory Block, Richard Shindell, John Gorka, Eliza Gilkyson, Matt Bauer en Van Dyke Parks) in het achterhoofd, togen we (Ed, mijn dochter Linda en ondergetekende) zaterdag 18 juni goedgeluimd richting Eindhoven. Omdat diverse artiesten parallel optreden moet je van te voren een plannetje te maken, en op mijn programma stonden in ieder geval Harry Manx, Robyn Ludwick, Danny Schmidt en Joan as Police Woman. Vetiver had ik ook graag gezien, maar die stonden parallel geprogrammeerd met Harry Manx. Toch vreemd dat een aantal (hoofd)acts (Fink, Joan) helemaal geen concurrentie hadden, terwijl bij anderen (zoals Manx en Danny Schmidt) maar liefst vier andere acts op hetzelfde tijdstip optraden.
 
Na aankomst konden we meteen bij Robyn Ludwick aanschuiven. Ze koos nogal eenzijdig voor de wat vrolijkere countrykant van haar oeuvre, het meer ingetogen werk (zoals Someday of Fight Song van haar jongste album ‘Out Of These Blues’) kwam nauwelijks aan bod. Jammer was ook dat de begeleiding veel te hard stond. Met dit optreden beëindigde Robyn haar Europese tournee, wat verklaarde dat zowel zijzelf als de begeleiders een ietwat uitgebluste indruk maakten, wellicht dat de keuze voor het meer up-tempo werk was gedaan om dat ietwat te maskeren.
 
Na Robyn kwam een verplicht uurtje Fink (geen paralleloptredens). Ik had me een beetje ingeluisterd via Spotify, en vermoedde al dat ik hier niet bijzonder opgetogen over zou raken. Na een nummer of drie begon ik het allemaal nogal manierderig te vinden, maar mijn dochter, die Fink goed kent en vooral hiervoor was meegekomen, begreep daar weer niets van. Ed en ik togen echter na die drie nummers richting drank. Voor de inwendige mens wordt op Naked Song uitstekend gezorgd!
 

Tegen achten togen we richting ‘Meneer Frits,’ waar Robyn Ludwick ook had gestaan, richting Danny Schmidt, maar onderweg kwamen we ene Rachel Sermanni tegen, een ons onbekend negentienjarig Schots nachtegaaltje met Italiaans bloed, en dat was toch aanleiding even te blijven luisteren. Het arme ding moest in de kleine foyer opboksen tegen hele stromen voorbijtrekkend publiek, maar het lukte haar toch om steeds meer mensen vast te houden met haar bijzonder fraaie zang. Ze heeft nog geen platen uitgebracht, blijkt slechts te vinden op een compilatie-cd’tje van het Communion-label van Ben Lovett (Mumford and Sons), maar we hebben haar naam genoteerd omdat we er van overtuigd zijn dat hier nog wel eens wat bijzonder fraais van zou kunnen komen. Fingers crossed! Rachel’s betovering zorgde er in ieder geval voor dat we als de metgezellen van Odysseus vastgekluisterd bleven luisteren en de hele Danny Schmidt aan ons voorbij lieten gaan.
 
Negen uur en tijd voor Joan as Police Woman. Ook voor haar was dit de afsluiting van een Europese tour, ze verklaarde blij te zijn even verlost te zijn van haar band en nam de doelstelling van Naked Song serieus op door afwisselend op vleugel en gitaar een aantal ijzersterke songs ten gehore te brengen. Daardoor kwamen de liefhebbers van haar eerste twee cd’s (‘Real Life’ en ‘To Survive’) duidelijk meer aan hun trekken dan de fans van haar laatste cd ‘The Deep Field’, maar niemand van ons die dat betreurde. Mooi concert van deze sterke en veelzijdige persoonlijkheid.
 
Hoewel de festival-marketing vooraf vooral de nadruk heeft gelegd op acts als Fink en Thomas Dybdahl, was Harry Manx zowel voor Ed als voor mij het hoofddoel van ons bezoek. Ik had nog stiekem in gedachten terloops even Vetiver te gaan beluisteren, maar daartoe gaf Harry geen enkele kans. Vanaf de eerste noten had hij ons helemaal in bedwang met zijn prachtige vertolkingen van zijn met Kelly Joe Phelps vergelijkbare folk-blues, knap versmeed met invloeden van Indiase muziek. Verrassend was na een of twee nummers de introductie van een toetsenist (de Australiër Clayton Doley), die schitterend zowel een heel subtiele inkleuring gaf aan het spel van Manx, maar van de meester ook de ruimte kreeg om af en toe a la Garth Hudson uit zijn dak te gaan, wat meermalen staande ovaties opleverde. Van de eerste tot de laatste minuut van dit tot een uur en een kwartier uitlopende concert (standaard staan er vijftig minuten voor een optreden) zaten we verrukt te luisteren naar een magisch geheel van Manx-originals gemengd met covers (beetje dunne aanduiding, zeg maar herinterpretaties) van nummers van mensen als Muddy Waters, B.B. King, Van Morrison (Crazy Love) en Jimi Hendrix (Voodoo Child). Werkelijk schitterend concert dat op zichzelf al ruimschoots de toegangsprijs van vijfendertig euro waard was.
 
Manx zorgde er dus wel even voor dat we de eerste helft van Thomas Dybdahl gingen missen, iets wat mijn humeur met de minuut verbeterde, maar dat van Ed (voor wie Dybdahl toch een belangrijke trekpleister op dit festival was) zeker niet verslechterde. Geen serieuze muziekliefhebber die het in zijn hoofd zou halen Harry Manx en compagnon voor gezien te houden. Dybdahl bleek aan een imposante show van licht en geluid bezig te zijn en riep eerder herinneringen op aan shows van Prince dan van de teerbesnaarde balladeer die we van zijn platen kennen. Hij wist in ieder geval de nodige liefhebbers te brengen tot dansjes vóór, en tegen het eind zelfs op het podium.
 
Of zijn show je nu volledig in de ban kreeg of als kille drab langs je kleren afdroop, je zult toch moeten constateren dit Dybdahl’s performance volledig misplaatst was op Naked Song. Het zal interessant worden om te zien hoe de organisatie hier die komende jaren mee omgaat. Enerzijds is duidelijk dat je met acts als Dybdahl en Fink een flinke schare nieuwe (en vooral jongere) mensen trekt, maar de doelstelling om de mooie, kleingehouden muziek hier aan de man te brengen wordt er toch behoorlijk geweld mee aangedaan.
John Smits