Rickie Lee Jones: Balm in Gilead

 
 

Schoonheid heeft talloos veel gradaties en evenzoveel verschillende gezichten. Soms ziet het eruit als het blauw van Mark Rothko of de leegte van Hopper, dan weer bespeur je het in een gedicht van Pessoa, een verhaal van Nescio of een brief van Seneca. En vind je het terug in de uitgestrektheid van de Grand Canyon of de intimiteit van een ingeslapen dorp in Andalusië. Of dient het zich aan in de vorm van een Pontiac Bonneville Chieftain, de finesse van Michelangelo’s piëta of de gratie van een tuimelende walvis.

 
En soms klinkt schoonheid zoals Rickie Lee Jones op ‘Balm In Gilead’, de meer dan indrukwekkende opvolger van het al even memorabele ‘Sermon On Exposition Boulevard’ van twee jaar geleden.
 
De titel verwijst naar de helende zalf waarvoor het Bijbelse Gilead bekend stond en geeft tegelijkertijd aan dat dit album een soort reflectie is op Jones’ voorbije en huidige leven dat dit jaar enkele belangrijke ankerpunten kent: haar dochter wordt 21 (en krijgt in het prachtige openingsnummer ‘Wild Girl’ een eerbetoon waarop menig dochter jaloers mag zijn), ze brak 30 jaar geleden door met het swingende ‘Chuck E’s In Love’ en ze werd 55 jaar – een leeftijd waarop reflectie stilaan een tweede natuur is.
 
Op ‘Balm In Gilead’ omringt de Duchess of Coolsville zich met een zogenaamde all star cast en de ervaring leert dat het dan wel eens mis durft te gaan. Niet zo op dit album. De bijdragen van Ben Harper, Vic Chesnutt, Allison Krauss, Jon Brion, Grey DeLisle, David Kalish en nog een heleboel andere magistrale muzikanten staan te allen tijde in dienst van de songs.
 
Door de accordeon van Joel Guzman (‘Remember Me’: ‘Don’t you know you’re blowing away / Don’t you go before you remember me / Darling this storm will pass away / I pray for you every day’), de gitaar van Bill Frisell (‘Eucalyptus Trail’ met de veelzeggende zinnen ‘I want to be the one you love, I can be the one’), de backing vocals van Victoria Williams (het bijna cerebrale ‘His Jewelled Floor’) of het orgel van opnieuw Guzman (‘The Gospel Of Carlos, Norman and Smith’, een zalig duet met Chris Joyner) krijgen de songs extra perspectief, zeggingskracht en – een kenmerk dat in nagenoeg elke plaat van Rickie Lee Jones terug is te vinden – warmte die erbarmen en liefde uitademen.
 
Met ‘Balm Of Gilead’ graaft Jones in haar eigen verleden (‘The Moon Is Made Of Gold’ werd geschreven door haar vader) en kijkt ze tegelijk vooruit. Wat ze daar ziet, zal zich allicht openbaren op haar volgende platen. Maar dat het een plaats is die nog veel schoonheid te bieden heeft, staat met dit album als een onwrikbare paal boven water. ‘There’s a house at Bayless Street / I left when I was tired / There’s a dog in a backyard / He watches the moon for me’.
Martin Overheul
Rickie Lee Jones
Balm in Gilead