Robben Ford: Bringing It Back Home

 
 

Sommige artiesten hebben het beeld van de eeuwige jeugd aan hun kont hangen.  Alsof ouderdom geen vat op hen heeft. Gitarist/zanger  Robben Ford hoort voor mij tot die categorie. Hij is al vanaf de begin jaren '70 actief, in groepsverband maar ook solo. Hij was één van de oprichters van The Yellowjackets, toerde met Miles Davis en speelde op platen van onder meer Joni Mitchell ("The hissing of summer lawns"). Robben Ford's spel is diep geworteld in de blues en de jazz en als ik naar hem luister blijf ik me verbazen over het feit dat hij zichzelf de geheimen van de gitaar meester heeft gemaakt. Verrassend omdat Ford overkomt als iemand die bijna als geen ander vertrouwd is met de snaren en die dunne hals. Het klinkt allemaal zo soepel, zo losjes. Alsof het geen enkele moeite kost. Als je ooit zelf een gitaar hebt omgehangen weet je echter wel beter.

Naast Robben Ford zijn op het nieuwe album "Bringing it back home" drummer Harvey Mason, bassist David Piltsch, toetsenist Larry Goldings en trombonist Stephen Baxter te horen. Met name door de bijdragen van Baxter wordt de link naar de New Orleans funk en jazz bewust gezocht zoals onder meer in de nummers "Everything I do gonna be funky" en "Fair child". Ze zijn dan ook geschreven door New Orleans grootheid Allen Toussaint. De opzwepende tonen van Baxter, in combinatie met het vloeiende spel van Ford en het pulserende Hammond orgel van Goldings, maken dat dit een album is waarnaar het heerlijk luisteren is. Het pretendeert niets meer te zijn dan dat het is: een album met hoofdzakelijk covers gemaakt door een aantal muzikanten die niets meer hoeven te bewijzen. Gewoon doen waar je goed in bent en dat doet Ford met zijn kornuiten in nummers die vooral te herleiden zijn naar de jaren '60. Dylan's "Most likely you go your way and I'll go mine" en Sam Cooke's "Fools Paradise" komen voorbij en ook Big Joe Williams zijn "Birds nest bound"  wordt met een lekkere vleug jazz  nog eens afgestoft. Ford hoor het ik het liefste als hij naar de jazz neigt en dat doet hij op dit album volop. Het Hammond orgel van Goldings klinkt daarnaast voorbeeldig en dat is niet alleen in de enige instrumental van de cd, het ruim zeven minuten durende "On that morning",  in volle glorie te beluisteren maar ook in het eerder genoemde "Fool's Paradise".

In het verleden had ik nog wel eens moeite als Ford achter de microfoon ging staan maar zelfs daar heb ik bij dit album helemaal geen last van gehad. Misschien ben ik wel uiteindelijk gewoon aan zijn stem gaan wennen maar aan de andere kant zijn er karrenvrachten aan gitaristen die het met een minder stemgeluid moeten doen. "Bringing it back home" is gewoon een mooi en een vooral lekker plaatje.

Ed Muitjens
Robben Ford
Bringing It Back Home