Tyler Childers: Purgatory

 
 
Well my buckle makes impressions 
 On the inside of her thigh 
There are little Feathered Indians 
Where we tussled through the night

Laten we op voorhand stellen, Tyler Childers heeft een ongelooflijke woordenschat. Hij is een verhalenverteller van de klassieke soort, zoals je mag concluderen uit bovengenoemde openingsregels van Feathered Indians.

Zijn songs onderscheiden zich doordat hij gebruik maakt van beeldend taalgebruik, doorspekt met onoverkomelijke Moonshine and Cocaïne. Daarnaast heeft hij een dijk van een stem. Zijn album verscheen vorig jaar augustus in U.S. en de Europese distributie komt in januari 2018 op gang. Vlot daarna volgen twee optredens, eentje in het Zonnehuis te Amsterdam, en daarna te Rotown, Rotterdam. De berichten in de Amerikaanse pers zijn ronduit waanzinnig. This guy is insanely good. Beats the dog shit out of anything on the radio”

Alsof hij Country de zoveelste stimulerende injectie geeft. Hij wordt in één adem gerangschikt naast mensen als Colter Wall en Chris Stapleton. Evengoed had ik aanvankelijk moeite met Purgatory, voor mijn smaak bleef het album enigszins vlak, in tegenstelling tot zijn debuut uit 2011, Bottles and Bibles. Je moet je niet laten opjuinen enkel en alleen omdat het album onder het productie-duo Sturgill Simpson en David Ferguson tot stand kwam. Anderzijds laten we het vooral niet onnodig complex maken, Purgatory bevat prachtige nummers en ze worden bovendien door een aantal faamrijke musici uitgewerkt. Naast Childers en Simpson zal je de fiddle horen van Stuart Duncan, Miles Miller op drums en Russ Pahl op een variatie aan gitaren, pedal steel en een “Jew’s Harp” (maak daar maar eens een voorstelling van, of beter, ga gewoon luisteren). 

Mijn persoonlijke favoriet is een eenvoudig en basaal nummer. Slechts Tyler’s zang, gitaar en Lady May. Prachtige beschrijvende tekst, maar wat nog mooier is, is dat hij in dit nummer zijn gevoelens neerlegt voor zijn lief. Even geen artiest die zich manifesteert in drank of gebukt gaat onder vroege uurtjes, religieuze consequenties of “being on the road”, maar iemand die zijn gevoelens neerlegt. Dit gezegd hebbende, Whitehouse Road of Banded Clovis zijn er amper minder op. In semi-autobiografische nummers met een gevoel voor donkere sfeertinten worden fantasievolle verhalen opgetuigd. Waar zijn we zonder zonde, verleiding, moord, schuld en bedrog? Is een wereld voorstelbaar waarbij we Engelen amper kunnen onderscheiden van Demonen? Purgatory, de titelsong, lijkt, versierd met rijkelijk aanwezige fiddle en banjo, een rechtstreekse Kentucky Tradional. Je er tegen verzetten lijkt mij onnodig, daarvoor heeft Tyler Childers teveel kwaliteit in huis. Toen we onlangs de Eindejaarslijst van EuroAmericana Chart plaatsten maakte iemand de opmerking dat Steve Earle ontbrak. Het leek bijna een verwijt. Echter zo gaan die dingen. Zo zijn ze altijd gegaan. Steve valt weg en Tyler schuift aan. Wisseling van de wacht. Niemand houdt verandering tegen. Vertaling Purgatory: (hou je vast, ik heb Wikipedia erop nageslagen) Vagevuur, ook wel purgatorium of louteringsberg, zijn in de katholieke leer namen voor een plek of staat na de dood voor zielen die naar de hemel gaan, waar men wordt gelouterd of gestraft, voor nog niet uitgeboete zonden die wel al vergeven zijn (in het geval van zware zonden in de biecht of door een volmaakt berouw).

Review
Rein van den Berg
Tyler Childers
Purgatory
Label: 
Hickman Holler Records/Thirty Tigers