Amy LaVere scoort met nieuw album

amy1cr

09 Apr 2020 door Sjoerd Punter

Amy LaVere heeft een nieuwe plaat uit en dat is in ieder geval voor mij goed nieuws. In Amerika kwam de plaat al eerder uit, maar nu zijn wij aan de beurt. Voor de meeste mensen is de zingende bassiste uit Memphis, Tennessee geen bekende naam. In september 2014 was ze voor het eerst in Nederland voor enkele concerten. Ik zag Amy in Eindhoven en dat was een aangename verrassing. Op aanstekelijke wijze freewheelde ze door haar gevarieerde repertoire, plukkend aan een levensgrote contrabas en zingend als een vroegrijpe Lolita. Daarna ging er van alles mis. Toen Amy twee jaar later opnieuw in het land was voor een paar optredens, kampte ze met de gevolgen van een serieuze jetlag, gecombineerd met ‘a fucking cold’. Naar eigen zeggen klonk ze als Gollum, de afzichtelijke figuur uit The Hobbit die uitsluitend onaangename keelgeluiden uitstoot. Amy excuseerde zich uitgebreid voor het niveau van haar optreden, gooide er nog een Grand Marnier tegenaan, maar het mocht allemaal niet baten Na een paar nummers krampachtig zingen, stopte ze ermee en ging nog even verder als begeleider op de contrabas, om er tenslotte helemaal mee te stoppen. Uiteindelijk moest gitarist Will Sexton het optreden afmaken. En weer twee jaar later ging het opnieuw mis. Will Sexton kwam te vallen en daardoor moest de Nederlandse tour worden afgelast. Het zit Amy echt niet mee.

De muzikale carrière van Amy begon op haar dertiende als drummer in een garagebandje met de afschuwelijke naam The Poison Death Mongers. Bij gebrek aan echte sticks drumde ze met houten lepels. De jeugdjaren in Detroit verliepen ruig met toepassing van alles wat ouders plegen te verbieden. Veel nummers van Amy hebben met ervaringen uit haar jeugd te maken. Als meisje van tien liep ze weg van het ouderlijk huis in Detroit en nam de bus naar Chicago, 450 kilometer verderop. Samen met vriendin Betty bracht ze de nacht door in een treinstation “where we were approched by what I’m sure were pimps wondering if we needed work”. Amy’s grote droom was de vrijheid van een hobo, maar na een paar dagen keerde ze met hangende pootjes terug naar het ouderlijk huis. Ze bleef een wilde meid, stevig aan de speed. Maar ze had geluk. Ze bleef niet steken in een hopeloos junkiebestaan. Toch scheelde het niet veel. “When I see a homeless woman, it sometimes strikes me how very close I was to having that experience myself.” Amy slaagt erin de ervaringen uit haar jeugd te verwerken tot betekenisvolle songs. Ze heeft een stem die je er meteen uithaalt, een beetje hees, maar soepel en met een enorm volume.

Erg actief in de studio is Amy niet. Haar gemiddelde ligt op een album in de vier jaar. Ze debuteerde in 2006 met de prachtige plaat ‘This World Is Not My Home’. Hoogtepunt is ‘Never Been Sadder’, een droevig nummer met een vrolijk ritme, typerend voor de aanpak van LaVere die wel van dit soort vreemde combinaties houdt. Een jaar later verscheen het door Jim Dickinson geproduceerde album ‘Anchors & Anvils’. Alweer een prima plaat met het opvallende openingsnummer ‘Kill Him’. Het gaat over een lover die wordt doodgeschoten. Maar ja, “killing him didn’t make the love away”. In de songs van Amy LaVere is vaak sprake van schuldgevoelens en onvervulde verlangens, uiteraard gefundenes fressen voor de zachte sector. Ze had zelf ook regelmatig te kampen met depressies. Sinds haar huwelijk in 2016 met Will Sexton schijnt het beter te gaan. Will heeft ook haar nieuwe plaat ‘Paint Blue’ geproduceerd, een evenwichtig product met fraaie persoonlijke songs en creative guitar picking door Sexton. De plaat opent met ‘I Don’t Wanna Know’, een fraai gezongen nummer van John Martyn waarvan de verontrustende tekst enigszins is aangepast. Ze zingt: “Waiting for the towns to tumble/Waiting for the planes to fall/Waiting for the cities to crumble/Waiting to see us crawl”. Geen vrolijk perspectief, maar helaas wel op z’n plaats in deze benauwende tijd van coronakoorts. Hoogtepunt van de plaat is ‘Love I’ve Missed’, een love song met, uiteraard, een dubbele bodem. LaVere en haar buddie stijgen in dit nummer tot grote hoogte. Wat kan muziek mooi zijn.

Concertfoto’s: Ronald Rietman