Skip to content

Jason’s Chord

51AC-ua7jCL._SX355_

Andy Rinehart

In 1993 verschijnt op het Duitse label CMP Records het tweede album Jason’s Chord van de Amerikaanse zanger-liedjesschrijver en multi-instrumentalist Andy Rinehart. De in 1960 in Norwalk, Connecticut geboren muzikant heeft in 1988 met het zelf uitgebrachte album Walking Home voor het eerst zijn niet geringe muzikale capaciteiten overlegd. Een uiterst veelzijdige reeks activiteiten vormt de opmaak voor het tweede album Jason’s Chord. Rinehart volgt een handvol muzikale studies, repareert en ontwerpt allerhande instrumenten, werkt op bruiloften in het schnabbelcircuit en creëert als chef gebak overheerlijke toetjes. Begin jaren negentig treedt hij op losse basis op met bevriende musici. Tijdens een van die concerten bevindt jazzgitarist David Torn zich in het publiek, op uitnodiging van collega Matte Henderson die in die periode deel uitmaakt van de groep van Rinehart. Torn is dusdanig onder de indruk van het uitzonderlijke talent van Rinehart dat hij hem tijdens een etentje in contact brengt met labeleigenaar Kurt Renker van CMP Records. In de periode 1991/1992 bevindt Rinehart zich vervolgens regelmatig in Duitsland in de CMP Ztudio in Zerkall. Naast het bespelen van een klein leger aan snaarinstrumenten produceert David Torn ook de negen liedjes op deze plaat. Rinehart zelf speelt talrijke keyboards en accordeon terwijl hij ook alle vocale partijen voor zijn rekening neemt. Bassist Mick Karn van de Engelse groep Japan vormt een dynamisch en inventief opererend duo met percussionist/drummer Kurt Wortman, die afkomstig is uit de live begeleidingsband van Van Morrison en Bruce Springsteen. Het resulteert in een collectief dat op het creatieve vlak beduidend meer waard is dan de som der afzonderlijke onderdelen. Debet daaraan is ook zeker het vermogen van Rinehart om eigenzinnige liedjes te componeren die inhoudelijk zorgvuldig de clichés uit de popmuziek vermijden. Liedjes als opener Being Wrong, Stone Diamond, House of Home, Joan’s Bones en Pedal Up lopen volkomen naturel in elkaar over en staan stijf van de vele fraaie instrumentale intro’s en intermezzo’s die nauw aansluiten op de hoogst originele en komische tekstregels. De afsluitende pianoballad  is een fraaie neoklassieke toegift van het in topvorm verkerend gezelschap dat werkelijk alles uit de kast haalt om van dit album een van de meest indrukwekkende muzikale gebeurtenissen van de jaren negentig te maken. Een album dat mij ook een kwart eeuw na dato nog altijd voor de volle honderd procent weet te boeien.

Jason’s Chord
Andy Rinehart

Koos Gijsman

23-6-2019