Skip to content

The Things That We Are Made Of

Unknown

Mary Chapin Carpenter

Het was omstreeks 1995 dat ik mijn eerste Mary Chapin Carpenter-cd kocht, "Stones in the Road". Achteraf gezien is dat rijkelijk aan de late kant. Om de simpele reden dat deze in Princeton, New Jersey, geboren zangeres op dat moment al zo'n kleine tien jaar aan de weg timmerde, maar nog belangrijker vanwege de impact die zij als zangeres en singer/songwriter op mij heeft. Ik ken maar weinig zangeressen in het genre die zoveel diepte in hun zang weten te leggen. Daarbij is haar stem een constante aaneenschakeling van warmte en weemoed. Die associaties worden waarschijnlijk opgeroepen door haar bijzonder mooie klankkleur en subtiel vibratogebruik. Het heeft een bijna zalvende invloed op me. Daarbij vind ik haar een grootheid op het gebied van het schrijven van liedjes. Neem bijvoorbeeld die verzameling songs op het Ashes and Roses album uit 2012, tot op heden mijn favoriete MCC album. Prachtige nummers, zoals New Years Day en The Swords We Carried blinken uit door ogenschijnlijke eenvoud, maar juist in die repeterende melodielijnen, waarin niet bijster veel verschil in toonhoogte lijkt te zitten, zit een niet af te wenden aantrekkingskracht. Haar teksten zijn van een hoog niveau, waarbij ze fraai beeldend taalgebruik laat zien. "Back when I believed in luck and stones & crosses / I'd put a coin found on the street towards cosmic losses / And passing graveyards in a car / tracing every falling star / luck was never very far from childhood causes" zijn de openingszinnen van het hiervoor genoemde The swords we carried. Jawel, voor mij is deze dame "hors catégorie," waarbij ik zelfs het kerstalbum Come Darkness, Come Light een schot in de roos vind. Het nieuwe album The Things We Are Made Of laat een vrouw van middelbare leeftijd horen. Een vrouw die niets meer hoeft te bewijzen. Ze is zich bewust van haar levensfase en straalt een soort innerlijke rust uit. "So the things that matter to me now are different from the past / I care less about arriving than just being in the path of some light carved out of nothing / the way it feels when the universe has smiled" zingt ze in het fraaie Something Tamed Something Wild. Dat een dergelijke levensfase onherroepelijk leidt tot achterom kijken is onvermijdelijk. Soms in weemoed. Soms in spijt zoals in The Middle Ages. De woorden "Now you see what is that you would have changed / If only you'd known / Where you'd be and to be here is very strange / Waking up alone / In the middle ages" maken duidelijk dat sommige zaken niet terug te draaien zijn, hoe graag dat ook gewenst wordt. Het nummer wordt opgeluisterd door schitterend, ruimtelijk klinkend, gitaarspel van Dave Cobb, de producer van het album.Dat iedere levensfase zijn onzekerheden en twijfels kent is te horen op Map of My Heart," voor mij het enige nummer dat mij niet echt raakt. Het up-tempo nummer ontstijgt wel de middelmaat, maar legt het af tegen het hoge niveau van de rest van het album. In Oh Rosetta wendt zij zich rechtstreeks tot Sister Rosetta Tharpe. Ze neemt haar als het ware in vertrouwen en heeft het geloof dat zij haar vanuit het hiernamaals kan horen. Dat levert amusante tekstregels op: "May I call you sister when we talk this way? / You make me feel as if there's nothing I can't say." Mike Webb, die als toetsenist op de cd tevens een prominente rol vervult, laat hierbij fraai Hammond B-3 spel horen.Het semi-akoestische album, dat vooral wordt gekenmerkt door een beperkte bezetting, telt elf nummers en sluit fenomenaal af met Note on Windshield en het titelnummer. Ik ben, zoals al eerder aangegeven, zeer onder de indruk van haar teksten. Bijvoorbeeld als ze aangeeft wanneer ze haar momenten van disbalans heeft en haar gedachten in strijd zijn met die eerdergenoemde innerlijke rust: "Some days I still think I can be someone else / Those are the days I feel lost to myself / Mistaking a stranger, misplacing a heart / How to put back together what's been taken apart." Het getuigt van zelfreflectie waarbij zij zichzelf niet spaart. Het titelnummer is ruim vijf minuten pure weemoed. Ruim vijf minuten onverbiddelijke schoonheid. Let daarbij ook op de lage en zware piano akkoorden in het eerste couplet. Het biedt een schitterend contrast met Mary Capin Carpenters zang. Het rondt de cd The Things We Are Made Of  op een sublieme wijze af. Laatst opperde iemand dat hij Mary Chapin Carpenter als ondergewaardeerd ziet. Dat lijkt mij op basis van haar statuur, haar oeuvre en onmiskenbare klasse een misvatting. Mary Chapin Carpenter mag de vijftig ruim zijn gepasseerd, maar haar zeggingskracht lijkt alleen maar te groeien. Maar wat wil je ook als je in de ene hand weemoed met je meedraagt en in de andere hand een bloedmooie stem en een gouden pen. Die handen leveren één van de mooiste americanaplaten van het jaar af. Ongeacht wat er nog mag volgen.

The Things That We Are Made Of
Mary Chapin Carpenter

Ed Muitjens

27-7-2016




© 2008-2019 Johnny's Garden