Roger Dean Young & the Tin Cup: Down Easy

Categorie:

door Rein van den Berg

18-12-2010

In een tijd waarin ik met regelmaat de indruk krijg dat mensen steeds vaker op eenheidsworst afstevenen, ervaar ik eigenzinnige producten zoals deze nieuwste van Roger Dean Young en zijn Tin Cup als ultiem verfrissend. Niet dat de aanpak van zijn specifieke lo-fi stijl op Down Easy drastisch vernieuwend is, maar het getuigt in ieder geval van karakter. Muziek die uit zijn voegen barst van de originaliteit. Mijn sluimerend respect voor dit soort creatieve geesten wordt automatisch gewekt. Het antwoord ligt in het onbekende. Binnen die context durf ik Young’s muziek te plaatsen. Muziek als een inspirerende ontdekkingstocht, muziek die intrigeert en waarbij je (met regelmaat) stil staat. Kunstwerkjes waarbij je het wordingsproces kunt horen. Niet gemakkelijk in het gehoor liggend, dat wel, enig doorzettingsvermogen van de luisteraar is zondermeer vereist. Let me down Easy, Over the Edge Dangling for a minute blood rush to the Head Spinning like a dynamo into the Abyss Searching for a foothold in the Skin of the Cliff Every fissure a Savior in the Face in the Wall Not Until I strike bottom will You here me Call. Dit 5de album van Young & the Tin Cup is opgedragen aan de drijvende kracht achter het label Copperspine Records. Tony Luscombe stierf afgelopen november aan de gevolgen van een hartaanval. Iedereen die mee geholpen heeft aan dit album, en dat zijn er nogal wat, wordt bedankt: “Tony for being Tony.” Evenals Roger Dean Young’s vorige album is Down Easy wederom eentje waarvoor je royaal de tijd dient te nemen. Ondanks de bedrieglijke eenvoud ontvouwt de muziek zich bij iedere luisterbeurt verder. De rauwe schets op het muzikale canvas neemt toe aan vorm per luisterbeurt. Onervaren luisteraars zullen in eerste instantie ongetwijfeld moeite hebben met de zang van RDY. Het kost enige tijd alvorens je de waarde van deze plaat juist weet in te schatten. Toch blijven hangen en erbij blijven is mijn advies. De muziek barst van de emotie, maar loopt er allerminst mee te koop. 12 nummers, indringend, maar ook voorzien van absurdistische humor. Noem het alternatieve Canadese folk. Uitsluitend eigen repertoire dit keer. Distributie van dit nieuwe album moet nog op gang komen, zo vers is deze plaat. En dan hebben we het nog lang niet over een eventuele Europese release. Daarvoor is het nog veel te vroeg. Deze recensie dan ook mede bedoeld om een lans te breken voor een artiest die – beoordeeld op zijn werk – een stuk meer aandacht verdient. Mijn fascinatie voor dergelijke artiesten wil ik het liefst van de daken schreeuwen, maar ben al blijf wanneer een stukje erkenning zich zou vertalen naar een aantal concerten in ons land. Voorlopig is dat toekomstmuziek, maar niet onrealistisch. Sterke songs als Tired Hores & Fade Away trekken deze band naar ons land. Vroeg of laat gaat dit gebeuren. En dan spreken we van rechtvaardigheid.