Stax

Various artists

The Complete Stax Volt 1959-1968

Categorie:

door Ed Muitjens

03-02-2021

Thuis werken. Het heeft zo zijn voordelen. Daar waar ik normaal gesproken op werkdagen, via mijn ipod, zo’n kleine vier uur in het openbaar vervoer kon luisteren naar ‘mijn eigen muziek’ draaien nu zilveren cd-schijfjes acht uur lang rondjes in mij cd-speler. En in acht uur kunnen heel wat cd’s de revue passeren. Daarom had ik begin van deze week het lumineuze idee om cd boxset “The Complete Stax Volt 1959-1968” integraal af te spelen. Maar liefst negen cd’s met een gemiddelde speelduur van iets meer dan 70 minuten per cd. Nu is “Complete” overigens maar betrekkelijk, want op deze boxset zijn alle A-kantjes opgenomen en een deel van de B-kantjes. Maar goed, het neemt niet weg dat als je, zoals ik, om 06.45 uur ‘s morgens een denkbeeldig kwartje in de jukebox gooit, je vanaf dat moment in de soul-hemel belandt.

“Moeder aller boxsets.” Zo werd hij destijds omschreven in een recensie in Oor. En alhoewel die kwalificatie discutabel is hanteer ik hem graag, want als je de plaatjes één voor één voorbij hoort komen, dan kun je tot geen andere conclusie komen dan dat Stax een goudmijn was van nieuw talent.

De eerste cd is een fijne inleiding met onder meer The Mar-Key, uiteraard Carla Thomas (Gee whiz), de altijd aanwezige William Bell en Rufus Thomas. De eerste schijf is nog “Otis Redding-loos”. Dat verandert op cd 2 die fraai aftrapt met “Green onions” van Booker T. & The MG’s. Niet veel later opent Redding letterlijk zijn hart en laat hij met “These arms of mine” meteen het kwaliteitsverschil horen tussen hem en bijvoorbeeld een Rufus Thomas. Wat een klasbak was dat toch. Voor het ontbijt had ik de eerste twee cd’s al geconsumeerd en voor de lunch de daaropvolgende drie cd’s, waarbij ik “Spunky” van Johnny Jenkins even iets harder heb gezet. In de namiddag werden cd 6 en 7 “afgewerkt”. Dat enkele (instrumentale) plaatjes, vooral die rond de kerst zijn uitgebracht, meer op de lachspieren werken dan dat ze een soul-hart sneller doen kloppen is evident op het moment dat je zo’n 250 liedjes bij elkaar verzamelt.

Natuurlijk is Stax vooral Otis Redding, Sam & Dave, Johnny Taylor, Albert King William Bell, maar het is toch ook vooral een label met een aantal geweldige zangeressen. Zoals gezegd Carla Thomas, waar ik een zwak voor heb, Mable John, Judy Clay, The Charmels, Wendy Rene en Ruby Johnson waarvan, volledig terecht, het B-kantje “When my loves comes down” (1966), ook op de boxset is terug te vinden. En omdat ik vind dat de onvolprezen vrouwen van Stax deze keer eens in de spoltlights mogen worden gezet noem ik ook nog even “My lover” van Barbara & The Browns. Een heerlijk plaatje. Al met al heb ik cd 8 en 9, het schijfje waar de schaduw van het afscheid van Otis Redding overheen hangt, de dag erna gedraaid. Zo’n 11 uur soul zat erop. “De moeder aller boxsets”. Misschien heeft Oor het destijds toch gewoon bij het rechte eind gehad.